fragmenten uit voordrachten subcommissies

Bron archief van de Maatschappij van Weldadigheid bij het Drents Archief, toegang 0186, invnrs 48 en 49.

‘Om onbewimpeld te spreken…’

Stavoren, over haar kandidaat Jacob Ruurt Stellinga:
Na een nauwkeurig onderzoek van den inwendigen staat en behoeften van dit huisgezin, durft de sub-kommissie, hetzelve, gerustelijk, en met gegronden hoop op een goeden uitslag, aan de Kommissie van Weldadigheid aanbevelen, dewijl men in dit huisgezin alle die vereischten vind, welke bij kolonisten in de eerste onderneming gevorderd worden.

Edam, als de pc zegt dat Walraven van Haften niet aan de voorwaarden voldoet:
(…) heeft de sub-commissie de eer UWEds te berichten, dat zij ten deezen aanzien.over het algemeen wel degelijk UWEds voorschriften heeft in acht genoomen en geen jota daarvan is afgeweeke (…).

Axel, bij het voordragen van Hubrecht de Ruiter:
En met betrekking tot dit laatste stuk neemt zij de vrijheid met allen ernst te verzoeken om, zoo het mooglijk is, het daar henen te dirigeren, dat dit huisgezin van Axel, al verenigen zij daar in niet alle vereischten, worden opgenomen om naar de colonie te vertrekken, want, om onbewimpeld te spreken, de menigte van armen is hier buitengewoon groot, de ingezetenen ondervinden jaarlijks het verbazend bezwaar van dezelve onderhoud, het geen hun kan worden toegedeeld is zeer gering; en wanneer nu Axel van niet één huisgezin ontlast wierd, niet tegenstaande deszelfs aanmerkelijke bijdrage, kan de subcommissie hare vrees niet ontveinzen dat veelen van de intekenaars, die de zaak niet in deszelfs gevolgen beschouwen, maar slegts oppervlakkig oordeelen, bij eene volgende intekening zouden refuseren om zig tot de gewone contributie te verbinden

Medemblik, bij de voordracht van Martinus Alblas
‘t ontbreekt de subkommissie alhier aan genoegzame woorden, om Ulieden deze familie te eenstigste aantebevelen. Zij is uit den alzints deftigen burgerstand. Op de zedelijke en godsdienstige opvoeding welke de ouden, die van den jeugd aan zelve braaf en deugdzaam zijn, opgeleid en aan hunne kinderen gegeven, valt niets aan te merken.

Maassluis, als haar voordracht Jan Breukel door de pc eerst wordt afgewezen:
Wij willen niet ontveinzen groote vreze te voelen, indien onze plaats niet van eenige arme voorwerpen ontlast kan worden, welker getal van tijd tot tijd vrij sterk, vooral door de mislukte visscherij t bijzonderlijk door den bitter schralen haringvangst aangroeid, wij groot gevaar lopen, bij een volgend jaar eene aanmerkelijke vermindering in ‘t quantum der leden en bijdragers te moeten ondergaan, ja zelfs zijn wij in dat geval huiverig voor eene geheele te niet looping alhier.

Almelo, als zij Hendrikus Krabshuis voordraagt:
Alleen de bekendmaking, dat er misschien nog dezen herfst een behoeftig huisgezin uit deze gemeente in de kolonie zoude overgebragt worden, heeft ten gevolge gehad, dat in den tijd van twee dagen het getal der leden met twee en veertig vermeerderd is.